Andere onderwerpen

Goud
Goud en geld; transport en opslag
In 2016 maakt DNB plannen voor “Uitplaatsing van het waardegebied”
De Koninklijke Nederlandse Munt N.V. niet meer Nederlands!
Zilver
Goud en zilver 1; het toetsen
Goud en zilver 2; het keuren, de Waarborgwet 1986
Goud en zilver 3; de geschiedenis van de Waarborg en de Waarborgwet
Goud en zilver 4; het belang van goud en zilver in het handelsverkeer
Edelstenen
Edelstenen; diamant
Parels
Literatuur over goud- en zilverweging in Nederland d.d. 22-05-2018
Archimedes en goud- en zilverweging
Overzicht ijk- en justeermeesters-generaal van het Troois gewicht in de Nederlanden
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Lenaert van de(r) Gheere (III)
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Lenard of Lenaert van de(r) Gheere (IV)
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Gerrit G(h)eens of Gérard Guens (II)
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Roelof Woutersz van der Schure
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Johannes Andries Groengraft
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Abraham Groengraft
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Jacob l’Admiral
Instructie voor Jacob l’Admiral d.d. 1 mei 1750
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Pieter Jacob le Cointe
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Stephanus Gerardus Nagel
IJk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht Theodorus Antonius Nagel
De jaarletters van de ijk- en justeermeesters-generaal in de Noordelijke Nederlanden
Ordonnantie op ’t Troys of Swaer Gewichte Groningen 1701 collectie W
Troois gewicht 1; het ontstaan, de oorsprong, het Frans en het Hollands Troois gewicht
Troois gewicht 2; de ontwikkeling van het Hollands Troois, het Keuls en het Brabants gewicht in Amsterdam
Troois gewicht 3; de ontwikkeling van het Hollands Troois gewicht in de Nederlanden
Troois gewicht 4; de Trooise gewichten
Troois gewicht 4a; Waarom zou men azen snoeien?
Troois gewicht 5; het gebruik van Trooise gewichten tijdens de Franse overheersing (1810-1813)
Troois gewicht 6; het Groot Pijlgewicht; de Franse dormant
Troois gewicht 7; de oude Hollandse dormant van 4 mark uit 1510
De Nederlandse ijkmerken vanaf 1820-heden
Metriek gewicht 1; Wet 21-08-2016 S34, het metrieke stelsel
Metriek gewicht 2; Besluit 29-03-1817 S15, vaststelling van benamingen
Metriek gewicht 3; Besluit 30-11-1817 S31, toepassing wet 21-08-1816 op het medicinaal gewicht
Metriek gewicht 3a; Besluit 21-10-1819 S52; regeling medicinaal gewicht
Metriek gewicht 4; Besluit 06-03-1819 S8, invoering van het metrieke stelsel
Metriek gewicht 5; Besluit 08-06-1819 S37, gedaante, stof en samenstelling gewichten
Metriek gewicht 6; Besluit 28-09-1819 S49, eerste uitgifte, verificatie en ijking gewichten
Metriek gewicht 7; Besluit 18-12-1819 S58, invoering nieuwe gewichten
Metriek gewicht 8; Besluit 08-11-1820 S24, tijdstip verplicht gebruik nieuwe gewichten
Metriek gewicht 9; Besluit 20-12-1821 S24, instructie ijkers m.b.t. goud- en zilverweging
Metriek gewicht 10; Besluit 18-12-1822 S52, verbod afgeschafte gewichten
Metriek gewicht 11; Besluit 16-08-1823 S32, benamingen in officiële stukken
Metriek gewicht 12; Besluit 03-04-1826 S16, verdere invoering van het eenvormig stelsel van maten en gewichten
Metriek gewicht 13; Besluit 30-03-1827 S13, nadere bepalingen op de jaarlijkse herijk
Metriek gewicht 14; Besluit 02-04-1829 S6, tegengaan misbruiken betreffende nieuwe gewichten
Metriek gewicht 15; Besluit 26-01-1839 S3, nieuwe indeling ressorten arrondissementsijkers
Metriek gewicht 16; Besluit 12-04-1839 S13, over de nieuwe standaarden
Metriek gewicht 17; Besluit 11-12-1842 S25, op 01-01-1843 vervallen Belgische wetten in Limburg
Metriek gewicht 18; Besluit 30-08-1843 S11, over de examens van de arrondissementsijkers
Metriek gewicht 19; Aanwijzing arresten van de Hoge Raad
Dispositie van 30-01-1823 over het gebruik van de nieuwe gewichten in de goud- en zilverhandel collectie W
Metriek gewicht 20a; Wet 07-04-1869 S57, H I. Van maten, gewichten enz., art. 1-13
Metriek gewicht 20b; Wet 07-04-1869 S57, H II. Van de ijk, art. 14-21
Metriek gewicht 20c; Wet 07-04-1869 S57, H III. Van het toezicht, art. 22-27
Metriek gewicht 20d; Wet 07-04-1869 S57, Hoofdstuk IV. Strafbepalingen, art. 28-36
Metriek gewicht 20e; Wet 07-04-1869 S57, Hoofdstuk V. Overgangsbepalingen, art. 37-44
Metriek gewicht 20f; Besluit 09-11-1869 S167, over de ijkmerken
Metriek gewicht 20g; Besluit 18-11-1870 S178, IJkwet 1869 S57 is van toepassing op medicinale gewichten
Het verschil tussen massa en gewicht
De oorsprong van het karaat; de Ceratoniazaden
Het verschil tussen de bankgulden van de Amsterdamse Wisselbank en de courante gulden
De gouden, zilveren en de dubbele standaard
De gouden, zilveren en dubbele standaard in Nederland; 1816-1936
Het systeem van Bretton Woods (1944)
De eerste goudzending die in de oorlogsjaren1914-1918 vanuit Engeland door DNB werd ingevoerd
De gelijkarmige balans en haar benamingen
Paulus Dorsman; meester balansenmaker
De Generaliteits- of Statenleeuw in de Hollandse tuin op de balans van Paulus Dorsman uit 1742
De ijk van weegwerktuigen in Nederland
Het schoonmaken van ijzeren balansen
Het schoonmaken van bronzen en messing gewichten

De eerste goudzending die in de oorlogsjaren1914-1918 vanuit Engeland door DNB werd ingevoerd

De foto’s
De foto’s tonen de eerste goudzending die in de oorlogsjaren 1914-1918 vanuit Engeland door De Nederlandsche Bank (DNB) werd ingevoerd. De Hoofdbank van DNB was destijds gevestigd aan de Oude Turfmarkt  /  het Rokin       127-129 te Amsterdam. In dat gebouw is nu, in 2015, het Allard Pierson Museum gevestigd. 


Op de foto is te zien dat de persoon geheel rechts (beambte J. Voorhamme) nonchalant leunt op een opeengestapeld aantal, vermoedelijk met binnen- en buitenlandse gouden munten en met kleine goudbaren gevulde, ambassadeurskoffers. Vóór de op elkaar gestapelde ambassadeurskoffers staat de Kassier-Generaal L. van Regteren Altena. 


De beschrijving
De beschrijving bij de foto luidt als volgt;

De eerste goudzending, die in de oorlogsjaren 1914-1918 uit
Engeland hier werd ingevoerd via de Heeren HopeCo
door Bank of England, bestond uit

464 baren van gemiddeld 12 1/2 kg per stuk
tot een gewicht van bruto kg / 5842
                            ,,   fijn    ,,    5827

ingekocht tegen
ƒ 1648 per kilo fijn = ƒ 9.606.626

de op de foto voorkomende personen zijn van links naar rechts
beambten Hendriks en Bouma, Controleur-Generaal Evekink, beambte
Campagne, Keldermeester Roos, Kassier-Generaal Mr. v. Regteren Altena
en beambte Voorhamme

23 Augs. 1922

Roos

De berekeningen
Hieronder worden enkele berekeningen met de in de beschrijving genoemde getallen vermeld, zonder overigens de uitkomsten daarvan te duiden.
1
464 baren van gemiddeld 12,5 kilogram = 5800 kilogram
2
5827 kilogram fijn x ƒ 1648 per kilogram fijn = ƒ 9.602.896
3
ƒ 9.606.626 / ƒ 1648 per kilogram fijn = 5829,263349515 kg
4
Het gehalte van het goud is 5827/5842 = 0,997432386

Informatie over de personen op de foto’s

J. Hendriks
J. Hendriks bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 18 mei 1914 t/m 1917 Beambte, Afdeling Kantoor van Incassering  
* Vanaf 1918 t/m 1919 Beambte, Afdeling Kassierderij; Kantoor van Incassering
* Vanaf 1919 t/m 1931 Beambte, Afdeling Kassierderij; Incassering
* Vanaf 15 juli 1931 tot 1 juli 1934 Beambte, Afdeling Kassierderij; Ontvangst

Bij het Kantoor Heerengracht 461-463 van DNB te Amsterdam;
* Vanaf 1 juli 1934 tot 1 juli 1935 Beambte, Afdeling Inbreng Specie en Verwisseling
* Vanaf 1 juli 1935 tot 1 juli 1953 Beambte, Afdeling Verwisseling en Stortingen in Specie,
   later, in ieder geval vanaf 1 januari 1948, Afdeling Kassierderij; Verwisseling en Stortingen in
   Specie

Aan J. Hendriks werd per 1 juli 1953 pensioen verleend.

P.J.E. Bouma
P.J.E. Bouma bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 11 oktober 1909 Beambte van De Nederlandsche Bank
* Vanaf 11 oktober 1909 t/m 1917 Beambte, Afdeling Kantoor van Incassering  
* Vanaf 1918 t/m 1919 Beambte, Afdeling Kassierderij; Kantoor van Incassering
* Vanaf 1919 tot 1 januari 1949 Beambte, Afdeling Kassierderij; Incassering
 
Aan P.J.E. Bouma werd per 1 januari 1949 pensioen verleend.


Willem Evekink (geboren 11-10-1864 te Zutphen, overleden 15-01-1928 te Scheveningen)       
W. Evekink bekleedde de onderstaande functies;
* Vanaf 1 april 1892 Correspondent 1e klasse te Zutphen
* Vanaf 1 april 1893 sub-Agent te Deventer
* Vanaf 1 april 1900 bevorderd tot Agent te Deventer

Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 1 mei 1910 Chef van de Afdeling Controle bij de Hoofdbank 
* Vanaf 1 mei 1910 werd W. Evekink Hoofdbeambte
* Vanaf 1 mei 1910 t/m 1916 Controleur-Generaal, Afdeling Controleur-Generaal, belast met de controle
   op de verschillende onderdelen van de dienst bij de Hoofdbank, hij leidde tevens de Controle bij de
   Agentschappen en Correspondentschappen
* Plaatsvervangend Agent bij het Agentschap ’s Gravenhage
* Vanaf 1917 t/m 1919 Controleur-Generaal, Afdeling Algemene Controle; Bureau Controleur-Generaal
* Vanaf 1919 t/m 1922 Controleur-Generaal, Afdeling Generale Controle
* Vanaf 10 oktober 1919 t/m 1927 Waarnemend Kassier-Generaal, Afdeling Kassierderij

Bij het Kantoor Heerengracht 461-463 van DNB te Amsterdam;
* Vanaf 1923 t/m 1926  Controleur-Generaal, Afdeling Generale Controle
* Vanaf 1927 t/m 1927 Controleur, Afdeling Controle

Aan W.Evekink werd in 1927 pensioen verleend.
Willem Evekink overleed op 63 jarige leeftijd op 15-01-1928 in zijn woonplaats Scheveningen.

In oktober 1928 schreef Mr. G.H.M. Delprat, de toenmalige Directeur-Secretaris van DNB, in de reeks Portretten uit den kring van DNB een portret over Willem Evekink. Dat portret werd gepubliceerd in de Almanak voor beambten van DNB uit 1929, blz. 56 t/m 59.

Mr. G.H.M. Delprat vermeldde de al genoemde gegevens over zijn loopbaan en typeerde Willem Evekink als volgt.
Willem Evekink diende DNB in verschillende functies. Als gevolg van dit geleidelijk opklimmem in rang kende hij de inwendige dienst van DNB goed en kwam zijn werkkracht pas volledig tot ontplooiing toen hij als Controleur-Generaal door de Directie belast werd met de controle op de verschillende onderdelen van de dienst. Hij leidde tevens de controle bij de Agentschappen en Correspondentschappen. Zijn werkkring bleef echter niet alleen beperkt tot controle, hem werd namelijk ook het toezicht over de gebouwen opgedragen. Bij de wijziging in de bewaking van de Hoofdbank werd hem de leiding daarover toevertrouwd. Toen de telefoon-, telegraaf- en foto-afdeling-diensten werden ingericht, ontwierp hij die kleine takken van dienst en bleef daarop het dagelijks toezicht uitoefenen. Ook toen de magazijn-dienst van de Hoofdbank en de Agentschappen uitgebreid en gereorganiseerd moesten worden bleef hij daarover de leiding behouden. Als er nieuwe plannen opgezet of verbeteringen in zijn Afdeling doorgevoerd moesten worden werd Evekink meestal bij de Directie ontboden en werden hem de grote lijnen van de verschillende plannen medegedeeld. Vervolgens diende hij als ijverige en vlugge werker binnen enkele dagen zijn keurig verzorgde rapporten met sober gestelde conclusies bij de Directie in. Hij genoot er dan zichtbaar van als de Directie op basis van zijn rapporten haar beslissing nam.

In november 1918 en januari 1919 was Evekink in zijn element bij het ontwerpen en uitvoeren van buitengewone maatregelen die toen in een snel tempo genomen moesten worden. Bij het uitbreken van de Poststaking organiseerde hij om dringende redenen een dienst van verzending van brieven en waarden die na enkele dagen nog sneller functioneerde dan de gewone Postdienst.

Evekink stelde bij vervalsing van bankbiljetten in zowel binnen- als buitenland alles in het werk om de vervalsers te achterhalen. Hij legde de basis voor de inrichting van de zogenoemde “Valsch Geld-Centrale”, later de “Internationale Valsch Geld-Centrale”.

Van Evekink was bekend dat hij met alle goede bedoelingen in zijn enthousiasme soms wel eens iets te ver ging. Wanneer hij daar binnenskamers op werd gewezen probeerde hij dat niet goed te praten maar erkende hij zijn te grote voortvarendheid onmiddellijk. Dat was kenmerkend voor zijn karakter en om die reden werkte iedereen plezierig met hem samen.    

Een andere karaktertrek van Evekink was dat hij, ook bij grote werkdruk, slecht kon delegeren. Als hij daarop werd gewezen was zijn antwoord;

“In den tijd, dien ik noodig heb om een ander uit te leggen hoe hij het werk moet doen, heb ik het al gedaan. Waartoe zal ik dan van anderen hulp aanvaarden?” Hulp die de Directie hem aanbood om zijn taak te verlichten nam hij met tegenzin aan. Pas toen zijn gezondheid dat vereiste werden enkele onderdelen van zijn werkzaamheden aan anderen toevertrouwd. Om gezondheidsredenen werd hij uiteindelijk genoodzaakt afscheid te nemen van het door hem geliefde werk bij DNB. Hij heeft maar heel kort van zijn rust in de Residentie, zijn woonplaats was Scheveningen een stadsdeel van Den Haag, mogen genieten……………..   

C.A. Campagne (geboren 25-02-1854, overleden 06-02-1942)
C.A. Campagne bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 2 februari 1891 Beambte van DNB
* Vanaf 1905 of eerder t/m 1917 Keldermeester, Afdeling Kantoor van Incassering  
* Vanaf 1913 t/m 1919 Keldermeester, Afdeling Kassierderij; Kantoor van Incassering 
* Vanaf 1919 t/m 1920 Waarnemend Chef, Afdeling Kassierderij; Incassering 
* Vanaf 1921 t/m 1921 Waarnemend Keldermeester, Afdeling Kassierderij; Incassering 
* Vanaf 1922 t/m 1923 Beambte, Afdeling Kassierderij; Creatie

Aan C.A. Campagne werd per 1 april 1923 pensioen verleend.
Hij overleed op 6 februari 1942.

M.N. Roos (geboren 09-12-1866 te Leiden, overleden 14-04-1940)
M.N. Roos bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 1 juni 1891 Beambte van DNB
* Vanaf 1905 of eerder Beambte, Afdeling Kantoor van Uitbetaling
* Vanaf 1 februari 1908 tot 1 juni 1913 Kashouder, onder de Kassier-Generaal
* Vanaf 1 juni 1913 t/m 1917 Chef en Keldermeester, Afdeling Kantoor van Incassering 
* Vanaf 1918 t/m 1919 Chef en Keldermeester, Afdeling Kassierderij; Kantoor van Incassering 
* Vanaf 1919 t/m 31 december 1932 Chef en Keldermeester, Afdeling Kassierderij; Incassering 

Aan M.N. Roos werd per 1 januari 1933 pensioen verleend.
Hij overleed op 14 april 1940.

In mei 1940 schreef Mr. G.H.M. Delprat, hij was al sinds per 15 januari 1933 met pensioen, een in memoriam over Mathias Nicolaas Roos. Dat portret werd gepubliceerd in het Jaarboekje van DNB uit 1940 blz. 133 t/m 135 en foto.

Mr. G.H.M. Delprat kreeg na het overlijden van Mathias Nicolaas Roos het verzoek om een in memoriam over de
oud-Keldermeester te schrijven. De motivering daarvoor was dat hij hem heel goed had gekend en lange tijd nauw met hem had samengewerkt. Mr. G.H.M. Delprat voldeed graag aan dat verzoek, vermeldde de al genoemde gegevens over zijn loopbaan en typeerde M.N. Roos als volgt.

Vanaf 1915 tot 1933 werkte ondergetekende vrijwel elke dag met hem samen. Aan vrijwel iedere afdaling door de directeuren met hun gevolg in de goudkelders van de Bank ging Roos vooraf. Het waren vaak drukke tijden aan de Bank en het werd hem door de Secretaris niet altijd gemakkelijk gemaakt het uur voor het “goudbergen” vast te stellen. Dikwijls waren er andere werkzaamheden die vóór moesten gaan, maar Keldermeester Roos hield voet bij stuk. Kort, zakelijk, kwam hij in de loop van dezelfde dag bij de Secretaris op zijn verzoek terug. Het is mij bijgebleven hoe Roos, bij inwilliging van zijn herhaald verzoek, opeens al zijn energie op het onder hem staande personeel wist over te brengen. De berging werd dan vlot en accuraat uitgevoerd.
Roos was volledig voor zijn taak als Keldermeester van DNB berekend. Een kort woord, en hij begreep de visie van de directie en voerde deze correct uit. In moeilijke ogenblikken kon men op hem aan.
Als er, zoals ik me herinner, op een zondagmiddag plotseling een telegram uit het buitenland kwam, waarin stond dat er de volgende ochtend vroeg een transport goud voor de Bank zou aankomen, was Keldermeester Roos paraat. Onmiddellijk had hij de voorbereidende maatregelen in het hoofd en ook die maandagmorgen vroeg gereed. De directie hoefde daar geen enkele wijziging in aan te brengen. De bewaking van het goudtransport, het was in de jaren 1918/19 en de Bank had nog geen enkele eigen auto, was goed verzorgd. Zowel de eerste als de volgende drie goudtransporten verliepen met een stiptheid die zelfs de leider van het goudtransport, de Keldermeester van de buitenlandse circulatiebank, trof. Ze werden steeds slechts kort te voren aangekondigd en beliepen een totaalbedrag van 80 miljoen gulden.
Een andere keer kwam er een telegram over een belangrijke goudzending van overzee voor DNB, dat door de afzender voor eigen rekening op secure, men zou bijna zeggen klassieke manier, per pakschuit werd aangevoerd. Keldermeester Roos zag er geen moment tegen op, vond het vanzelfsprekend ’s nachts met dat het transport langs de Gouwe, de Aar en de Amstel te varen, en het ’s morgens aan het Rokin, aan de poort van DNB in ontvangst te nemen.
Bij de inventarisatie van de hele goudvoorraad, in verband met de ingebruikname van de nieuwe kelders, waarvoor de directie en het personeel gedurende weken tot in de late avonduren hadden gewerkt, was hij pas echt in zijn element. Het werkplan was iedere avond goed voorbereid, en alles verliep zo vlot dat de directie en het haar ondersteunende personeel gedurende het verloop van de hele operatie langzamerhand al vroeger in de avond de Bank kon verlaten. Geen ogenblik ontging hem het zware draagwerk dat het personeel verrichtte. Wanneer een medewerker wat vermoeid raakte, dan liet hij die onmiddellijk door een verse kracht vervangen. Men had de indruk dat het personeel graag en opgewekt onder hem werkte, omdat men voelde dat de Keldermeester bij het zware werk ook voor hen zorgde.
Roos was accuraat, plichtmatig en ging op in zijn werk. Het kostte de directie heel wat moeite hem, in het belang van zijn gezondheid, te overreden om enige tijd rust te nemen. Na verloop van tijd was hij weer helemaal opgeknapt, en het verheugde de directie hem in dienst te kunnen houden tot aan het einde van 1932. Toen brak voor hem, net als voor tientallen anderen, het moeilijke ogenblik aan dat hij
wegens zijn leeftijd in de termen viel zijn taak aan jongeren over te dragen. Het was 31 december 1932, het afscheid op die dag greep hem, en zij de er bij aanwezig waren, aan.
Sinds die dag sprak ik hem nog vele malen. De herinnering aan zijn tijd aan DNB was steeds het onderwerp van gesprek. Gehechtheid en dankbaarheid jegens de Bank waren daarbij steeds het grondmotief. Roos is een voortreffelijk Keldermeester van DNB geweest.
 
Mr. Lucas van Regteren Altena (geboren 05-02-1865 te Amsterdam, overleden 01-06-1934 te Bergen)    
Mr. L. van Regteren Altena bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 1 januari 1896 tot 1 augustus 1903 Adjunct-Chef van de Secretarie
* Vanaf 1 augustus 1903 Chef van het kantoor van de Bijbank en Agentschappen
* Vanaf 1 april 1904 tot 1 augustus 1909 Chef van de Secretarie, overschrijven van aandelen en archief
* Vanaf 1905 of eerder tot 1 augustus 1909 waarnemend Kassier-Generaal
* Vanaf 1 augustus 1909 t/m 1931 Kassier-Generaal, Afdeling Kassierderij

Aan Mr. L. van Regteren Altena werd per 1 januari 1931 pensioen verleend.
Hij overleed op 69 jarige leeftijd op 01-06-1934 in zijn woonplaats Bergen bij Alkmaar.

In juni 1934 schreef Mr. J. Westerman Holstijn, de toenmalige Directeur-Secretaris van DNB, een in memoriam over Mr. L. van Regteren Altena dat werd gepubliceerd in het Jaarboekje van DNB uit 1934, blz. 139 en 140.

Mr. J. Westerman Holstijn vermeldde de al genoemde gegevens over zijn loopbaan en typeerde Mr. L. van Regteren Altena als volgt.

Ruim 20 jaar is hij als Kassier Generaal werkzaam geweest en vervulde hij zijn verantwoordelijke taak met de grootste nauwgezetheid. Mr. L. van Regteren Altena was vriendelijk en welwillende tegenover iedereen, maar was zich daarnaast steeds sterk bewust van de positie die hij als Chef en als Kassier Generaal van DNB diende in te nemen. Hij hield van een zekere vormelijkheid, van decorum en zijn optreden was daarmee steeds in overeenstemming. Zijn geest was altijd vaardig, en zijn collega’s zullen zeker zijn geestige opmerkingen en rake woordspelingen niet gauw vergeten, waarvan zij zo dikwijls konden genieten als er gelegenheid was met hem over één of ander in zijn kamer voor aan de Bank een ogenblik van gedachten te wisselen.  Rustig ging hij zijn weg aan de Bank, in de laatste jaren meer en meer geplaagd door astma, waardoor bij het kantoorleven, dat hij had te leiden, geen genezing en nauwelijks verlichting was te vinden. Beter werd dit, toen hij zich, na zijn werk aan de Bank in 1931 neergelegd te hebben, in het dorpje Bergen bij Alkmaar vestigde. Ruim drie jaar heeft hij daar nog van een heerlijk buitenleven kunnen genieten, helaas te kort. Hij was een knap en trouw dignitaris (ofwel waardigheidsbekleder) van DNB. Zijn nagedachtenis zal bij ons steeds in ere blijven. 


J. Voorhamme (incidenteel ook wel J. Voorham genoemd)
J. Voorhamme  bekleedde de onderstaande functies.
Bij de Hoofdbank van DNB, Rokin 127-129 te Amsterdam;
* Vanaf 1 juli 1905 Beambte van DNB
* Vanaf 1 juli 1905 t/m 1917 Beambte, Afdeling Kantoor van Incassering
* Vanaf 1918 t/m 1918 Beambte, Afdeling Kassierderij; Kantoor van Incassering
* Vanaf 1919 t/m 1919 Beambte, Afdeling Magazijndienst en het Kantoor van Expeditie
* Vanaf 1919 t/m 1919 Beambte, Afdeling Magazijn, Expeditie en Archief der Afdelingen
* Vanaf 1920 t/m 1920 Beambte, Afdeling Generale Controle; Magazijn, Expeditie en Archief der Afdelingen
* Vanaf 1921 t/m 1922 Beambte, Afdeling Generale Controle; Magazijn en Expeditie


Bij het Kantoor Heerengracht 461-463 van DNB te Amsterdam;
* Vanaf 1923 t/m 1926 Beambte, Afdeling Generale Controle; Magazijn en Expeditie
* Vanaf 1927 t/m 1931 of 1932 Beambte, Afdeling Secretarie; Magazijn en Expeditie
* Vanaf 1932 of 1933 tot 1 maart 1941 Beambte, Afdeling Magazijn en Expeditie

Aan J. Voorhamme werd per 1 maart 1941 pensioen verleend.

Bronnen
De Almanakken voor beambten van DNB 1905 t/m 1925, de versie 1902-1926, 1927 t/m 1931, de naamlijsten van DNB N.V. te Amsterdam 1931, 1933 t/m 1943, 1948, 1951, 1953 en 1955, allen afkomstig uit de collectie van het Historisch archief van DNB.

Foto’s: Gerard Warburg  /  Webmuseum goudenzilverweging.nl