www.goudenzilverweging.nl Goud- en zilverweging

Andere objecten

De stempelafslagen op Nederlandse gewichten van brons en messing

Op Nederlandse bronzen en messing gewichten werden in de loop der eeuwen verschillende ijkmerken afgeslagen. De Amsterdamse en de overige plaatselijke en regionale ijkers van voormetrieke gewichten voor gewone weging/de handelsgewichten van vóór 01-01-1820 ijkten de gewichten over het algemeen met hun eigen merk. Dat was meestal een stads- of streekwapen met soms de initialen van de ijkmeester. Zo was duidelijk wie het gewicht had gekeurd en geijkt.
De Trooise gewichten/gewichten voor goud- en zilverweging of fijne weging werden over het algemeen, met uitzondering van bijvoorbeeld Utrecht waar de plaatselijke ijkers de Trooise gewichten met hun eigen merk ijkten, geijkt met het merk van de ijk- en justeermeesters-generaal van het Troois gewicht over het gehele gewest Holland en West-Friesland.

Naast het eigen merk van de ijkmeester werd meestal een ijkmerk afgeslagen om aan te geven in welk jaar het gewicht was geijkt. Dat was in veel gevallen een jaarletter of een jaartal, waarbij de jaartallen in hun geheel, dus met 4 of gedeeltelijk met 3 of 2 cijfers of met maar 1 cijfer werden afgeslagen.

Met de IJkwet d.d. 21-08-1816 (Staatsblad no. 34) en het Koninklijk Besluit d.d. 08-06-1819 (Staatsblad no. 37) werden in Nederland per 01-01-1820 het Troois gewicht en alle plaatselijke ponden afgeschaft. Vanaf toen werd het metrieke decimale stelsel, het eenvormig stelsel van maten en gewichten, gefaseerd ingevoerd. De ijkmerken bestonden vanaf 1820 uit de merken van de arrondissementsijkers, vanaf 1870 vervangen door de ijkkantoormerken, in combinatie met jaarletters en vanaf 1975 t/m 1998 in combinatie met jaartalmerken.

In 1998 werden de IJkwet en het IJkreglement aangepast. Vanwege kostenstijgingen voor ondernemingen en de sterke afname van het gebruik van gewichten werd toen besloten om de periodieke herkeuring/herijk van gewichten af te schaffen. Het betreffende Besluit is gepubliceerd in het Staatsblad 1998, 521, Besluit d.d. 27-07-1998 tot wijziging van het IJkreglement (meetwerktuigen voor directe massameting; justeer- en correctie-inrichtingen; afschaffing periodieke herkeuring van gewichten). Het Besluit trad op 01-10-1998 in werking. 

De stempeltypen/stempelafslagen
Het woord stempel heeft twee betekenissen:
1. Een voorwerp met een ingesneden oppervlak waarmee afdrukken gemaakt kunnen worden met inkt, in lak of in metaal. De slagstempels/stempelijzers/ponsen waarmee afdrukken in metaal werden gemaakt zijn hier aan de orde.
2 Een afdruk van de onder 1. genoemde slagstempels/stempelijzers/ponsen in metaal: de stempelafslag. Die stempelafslagen zijn hier aan de orde.

Er dient dus onderscheid te worden gemaakt tussen de slagstempel en de daarmee uitgevoerde stempelafslag.

Om de verschillende ijkmerken op bronzen en messing gewichten af te kunnen slaan gebruikten de ijkmeesters feitelijk maar twee soorten slagstempels: 
* De inwaartse slagstempels waarmee een opwaartse stempelafslag werd afgeslagen.
* De opwaartse slagstempels waarmee een inwaartse stempelafslag werd afgeslagen.
Voor de uitleg over inwaartse en opwaartse slagstempels en stempelafslagen zie onder Documentatie > De vervaardiging van jaarletterstempels/acht jaarletterstempels gesneden voor Bonaire en Curaçao.

Inwaartse slagstempels geven een opwaartse stempelafslag

Met inwaartse slagstempels wordt een opwaartse stempelafslag afgeslagen.

Het nadeel van een opwaartse stempelafslag op gewichten is dat de stempelafslagen door veelvuldig poetsen snel kunnen vervagen.

Bij een opwaartse stempelafslag gemaakt met een inwaartse slagstempel is het maken van een afbeelding van de afslag niet zo’n probleem, omdat de letter omgeven is door een stempelveld dat meestal rond is.

Opwaartse slagstempels geven een inwaartse stempelafslag 
Met opwaartse slagstempels wordt een inwaartse stempelafslag afgeslagen.

Het voordeel van een inwaartse stempelafslag op gewichten is dat de stempelafslagen door veelvuldig poetsen nauwelijks of niet kunnen vervagen.

Het verschil tussen graveren en een stempelafslag
In tegenstelling tot het graveren is het aanbrengen van een stempelafslag met een slagstempel geen verspanende maar een vervormende bewerking. Er wordt geen metaal verwijderd, het wordt alleen verplaatst. Het gevolg is dat er rond elke stempelafslag een geringe uitstulping ontstaat.

In het vervolg van dit artikel zullen niet de slagstempels maar de stempelafslagen op de Nederlandse gewichten van brons en messing aan de orde komen.

De stempelafslagen op voormetrieke gewichten

IJkmerken op voormetrieke gewichten voor gewone weging/handelsgewichten van vóór 01-01-1820
De merken van de plaatselijke ijkers waren zowel inwaartse als opwaartse stempelafslagen. 
De jaarletters en jaartallen op gewichten voor gewone weging/handelsgewichten waren altijd inwaartse stempelafslagen.

Aangezien het Webmuseum goudenzilverweging.nl zich uitsluitend richt op gewichten voor het wegen van goud en zilver worden de gewichten voor gewone weging/handelsgewichten verder buiten beschouwing gelaten.

De voormetrieke gewichten in Nederland voor het wegen van goud en zilver van vóór 01-01-1820
Vóór de invoering van het metrieke stelsel in Nederland op 01-01-1820 werd het Troois gewicht in bepaalde delen van ons land gebruikt als gewicht voor gewone weging/als  handelsgewicht. Ze werden gebruikt om de massa van handelsgoederen te bepalen. Denk daarbij aan levensmiddelen, zoals groenten, fruit, aardappelen, kaas en vlees, maar bijvoorbeeld ook aan oud ijzer.

Het Troois gewicht was al enkele eeuwen in gebruik voor de massabepaling van goud en zilver. Ter onderscheiding van de gewichten voor gewone weging werd in ons land op Trooise gewichten voor goud- en zilverweging een Trooise/Franse lelie afgeslagen. Dergelijke Trooise gewichten werden met een veel hogere nauwkeurigheid gejusteerd/op massa gebracht dan de gewichten voor gewone weging.

IJkmerken op de Trooise gewichten voor goud- en zilverweging van vóór 01-01-1820
De op de Trooise gewichten afgeslagen Trooise/Franse lelie was altijd een inwaartse stempelafslag.

De particuliere merken van de ijk- en justeermeesters-generaal van het Troois gewicht waren zowel inwaartse als opwaartse stempelafslagen.

De Trooise jaarletters waren altijd inwaartse stempelafslagen.

Zie foto’s 1 t/m 9.

Gestuiterde afslagen
Als de eerste stempelafslag niet lukte, moest er een tweede afslag volgen, met het risico van een dubbelslag.
Overigens kon een slagijzer bij een verkeerde slagtechniek ook ‘stuiteren’ met eveneens een dubbelslag als resultaat. Bij een afbeelding, tekst of jaarletter is dit het ultieme bewijs dat er een slagstempel is gebruikt en dat de afbeelding, tekst of jaarletter niet gegraveerd is.

Zie foto 10.

Stempelafslagen op metrieke gewichten voor gewone weging/handelsgewichten na 01-01-1820

De periode 1820-1870

De particuliere merken van de arrondissementsijkers en de jaarletters die op de gewichten voor gewone weging werden afgeslagen waren identiek aan de ijkmerken die op de nauwkeuriger gejusteerde gewichten voor fijne weging/goud- en zilverweging werden afgeslagen. Als onderscheid tussen de beide typen gewichten sloeg de arrondissementsijker op de gewichten voor gewone weging zijn particuliere merk eenmaal af en op de gewichten voor fijne weging tweemaal.

De stempelafslagen van de arrondissementijkersmerken 1820-1870
De stempelafslagen van de arrondissementsijkersmerken waren tussen 1820 en 1870 zowel inwaartse als opwaartse stempelafslagen.

Zie foto 11.

De stempelafslagen van de jaarletters 1820-1870
De stempelafslagen van de jaarletters waren tussen 1820 en 1870 zowel inwaartse als opwaartse stempelafslagen.

Zie foto 12 en 13.

Aangezien het Webmuseum goudenzilverweging.nl zich uitsluitend richt op gewichten voor fijne weging/goud- en zilverweging worden alleen de ijkmerken op die gewichten daar verder belicht en worden de ijkmerken op de gewichten voor gewone weging/de handelsgewichten verder buiten beschouwing gelaten.

Stempelafslagen op metrieke gewichten voor fijne weging/goud- en zilverweging na 01-01-1820

De Nederlandse gewichten voor fijne weging/goud- en zilverweging na 01-01-1820

Na de invoering van het metrieke stelsel per 01-01-1820 werd het Troois gewicht voor de weging van goud en zilver afgeschaft. Daarvoor in de plaats werden gewichten voor fijne weging geïntroduceerd. Dat waren in feite gewichten voor gewone weging die vanaf 01-01-1820 veel nauwkeuriger werden gejusteerd, terwijl ze met een extra aanduiding (de dubbele afslag van het arrondissementsijkersmerk) tot gewichten voor fijne weging werden verklaard. Ze werden niet alleen gebruikt voor de weging van goud en zilver, maar ook van andere kostbare handelsgoederen.

De stempelafslagen van ijkmerken op gewichten voor fijne weging/goud- en zilverweging 1820-1870
Zoals aangegeven sloegen de arrondissementsijkers op de nauwkeuriger gejusteerde gewichten voor fijne weging hun particuliere merk tweemaal af.

Zie foto 14.

De stempelafslagen van de ijkkantoormerken 1870-1989
Per 01-01-1870 werden de ijk en herijk aan ijkers en adjunct-ijkers opgedragen. De voormalige arrondissementsijkers werden in eerste instantie in die functies benoemd. Het tussen 1820 en 1870 door de arrondissementsijker afgeslagen particuliere merk werd vervangen door het zogeheten ijkkantoor- of kantoormerk, het nummer van het ijkkantoor in een typisch gevormd stempelveld.
Met ingang van 01-01-1870 werd op nieuwe gewichten voor gewone weging bij de eerste ijk eenmaal het kantoormerk en de geldende jaarletter afgeslagen. Bij herijk op een ander ijkkantoor werd het kantoormerk van dat ijkkantoor niet afgeslagen. Men sloeg dan alleen de geldende jaarletter af.
Op de nauwkeuriger gejusteerde gewichten voor fijne weging werd, hoewel dat niet in de voorschriften werd vermeld, het kantoormerk twee keer naast elkaar afgeslagen. Feitelijk op dezelfde manier als waarop tussen 1820 en 1870 het particuliere merk van de arrondissementsijker op de gewichten voor fijne weging dubbel werd afgeslagen. Het ijkkantoormerk werd op de gewichten voor fijne weging alleen dubbel afgeslagen tussen 1870 en circa 1875. Na circa 1875 deed men dat niet meer.

Zie foto 15.

Vanaf 01-05-1989 werden de ijkkantoornummers in het typisch gevormde stempelveld vervangen door een kenmerk, ook ‘de Baksteen’ genoemd, naar de ontwerper de heer Baksteen. Dat merk wordt hier verder buiten beschouwing gelaten.

De stempelafslagen van de jaarletters 1870-1974
Als goedkeuringsmerken werden tussen 1870 en 1973-1974 opwaarts afgeslagen jaarletters gebruikt.

De stempelafslagen van de jaartalmerken 1975-1998
Per 01-01-1975 werden bij de ijk en herijk de jaarletters, in verband met de Europese harmonisatie, vervangen door een jaartalmerk in nationale uitvoering: de laatste twee cijfers van het lopende jaartal, afgeslagen in een vierkant stempelveld met holvormige zijden en afgesnoten hoeken.

Zie foto 16.

De stempelafslagen van de afkeuringsmerken 1820-1989
Het afkeuringsmerk bestond van 1820-1989 uit een verticaal gearceerde, gelijkzijdige driehoek. Wanneer een gewicht niet langer voor goedkeuring in aanmerking kwam, omdat het niet meer aan de wet- en regelgeving voldeed, werd daarop een afkeuringsmerk afgeslagen. 

Zie foto 17 en 18.

Vanaf 01-05-1989 werd de verticaal gearceerde, gelijkzijdige driehoek als afkeuringsmerk
vervangen door een gelijkzijdige driehoek met daarbinnen een kenmerk, ook ‘de Baksteen’ genoemd, naar de ontwerper de heer Baksteen. Dat merk wordt hier verder buiten beschouwing gelaten.

Volgens de Nederlandse voorschriften waren er afkeuringsmerken in vier afmetingen, namelijk met zijden van 10, 7, 3 en 1,5 mm.

Bronnen
Artikelenreeks over het Surinaamse ijkwezen deel 1, 2, 3, 4, 5a en 5b door Arie Appel:
Meten en wegen blz. 2945, 2946, 2970, 2971, 3018 t/m 3027, 3066 t/m 3080, 3279 t/m 3294, 3353 t/m 3367.

De slagletters van Theodoor Victor van Berckel (* 1739 / † 1808).
Een studie naar het gebruik van letterponsen bij de stempelvervaardiging.
Gepubliceerd in Jaarboek voor Munt- en Penningkunde 98, 2011, pagina’s 139 t/m 209, door Lei Lennaerts (meestergraveur bij het Nederlands Gilde van Goudsmeden).

Foto’s
Foto’s Webmuseum goudenzilverweging.nl / collectie Webmuseum goudenzilverweging.nl

Foto’s v.l.n.r.
Foto 1 De fraaie inwaartse stempelafslagen op de kraag van een gewicht van 2 Trooise mark:
* links: de Trooise/Franse lelie
* midden: het particuliere merk van de ijk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht over Holland en West-Friesland Abraham Groengraft, met de initialen AGG, in functie 1701-1745
* rechts: de jaarletter G van 1741

Foto 2 De fraaie inwaartse stempelafslagen op het gewichtlichaam van een gewicht van 6 Trooise mark:
* links: het particuliere merk van de ijk- en justeermeester-generaal van het Troois gewicht over Holland en West-Friesland Abraham Groengraft, met de initialen AGG, in functie 1701-1745
* Rechts: de jaarletters E van 1739 en J van 1743

Foto 3 Op een balansschaal zijn afgeslagen:
* De deels ‘verpoetste’ inwaartse stempelafslag van de ijk- en justeermeester-generaal over het gehele gewest Holland en West-Friesland Jacob l’Admiral, met de initialen ILA, in functie 1745-1770.
Om meer eenheid te waarborgen, werd alleen Jacob l’Admiral op 01-05-1750 door de Staten-Generaal aangesteld tot ‘Ykmeester of Justeermeester-Generaal van de kleine Yk- of Troische Gewigten over de Geheele Unie’, anders gezegd over de Zeven Provinciën.
* De 35 inwaarts afgeslagen jaarletters op de balansschaal die onafgebroken is geijkt met als eerste jaarletter de Q van 1750 en als laatste jaarletter de Z van 1784.

Foto 4 De deels ‘verpoetste’ inwaartse stempelafslag van de ijk- en justeermeester-generaal over het gehele gewest Holland en West-Friesland Jacob l’Admiral, met de initialen ILA.

Foto 5 Gave inwaartse stempelafslag van de van ijk- en justeermeester-generaal Jacob l’Admiral.

Foto 6 Gave opwaartse stempelafslag van de van ijk- en justeermeester-generaal Jacob l’Admiral.

Foto 7 Op de getoonde balansschaal staan de hieronder genoemde stempelafslagen:
De deels ‘verpoetste’ opwaartse stempelafslagen van de ijk- en justeermeester-generaal over het gehele gewest Holland en West-Friesland Stephanus Gerardus Nagel, met de initialen SGN, in functie 1781-1797 (ad interim), 1797-1814 (bovenste merk) en van de ijk- en justeermeester-generaal over het Koninkrijk der Nederlanden Theodorus Antonius Nagel, met de initialen TNA, in functie 1814-1820 (onderste merk).
Door S.G. Nagel zijn de inwaarts afgeslagen jaarletters V van 1804, Y van 1807 en B van 1810 afgeslagen.
T.A. Nagel sloeg de inwaarts afgeslagen jaarletters G van 1815 en K van 1818 af.

Foto 8 Gave opwaartse stempelafslag van de van ijk- en justeermeesters-generaal Stephanus Gerardus Nagel.

Foto 9 Gave opwaartse stempelafslag van de van ijk- en justeermeesters-generaal Theodorus Antonius Nagel.

Foto 10 De ‘gestuiterde’ inwaartse stempelafslag van het opschrift MARC op een Troois krukgewicht van 8 mark uit 1765.

Foto 11 De enkele inwaartse stempelafslag van het particuliere merk van arrondissementsijker J.C. Roukens op de kraag van een knopgewicht van 5 Nederlandse oncen/500 gram. Hij is zeer waarschijnlijk dezelfde persoon als de Roukes die, in een ordonnantie d.d. 21-06-1817 uit Nijmegen, genoemd wordt als een van de drie stadsijkers van de maten en gewichten. Benoemd 14-03-1820 te Nijmegen. Overleden 1844.

Foto 12 De op de kraag van een knopgewicht van 5 Nederlandse oncen/500 gram inwaarts afgeslagen ijkmerken:
* Een enkele stempelafslag van het particuliere merk van arrondissementsijker J.C. Roukens.
* De stempelafslagen van de jaarletters A 1820, I 1828, C 1822, D 1823, E 1824, H 1827 en K 1829.

Foto 13 De op het gewichtlichaam van hetzelfde knopgewicht van 5 Nederlandse oncen inwaarts en opwaarts afgeslagen ijkmerken:
* De inwaarts afgeslagen jaarletters N 1832, O 1833, P 1834, Q 1835.
* De opwaarts afgeslagen jaarletters S 1837, T 1838, U 1839, V 1840.

Foto 14 De opwaartse stempelafslagen op een knopgewicht van 5 Nederlandse ponden/5kilogram:
* Een dubbele afslag van het particuliere merk van arrondissementsijker Dr. Matheus Christinus Mensing, benoemd op 30-09-1833 te Gouda, in 1857 overgeplaatst naar Rotterdam, benoemd tot IJker Chef van Dienst aldaar op 01-01-1870, eervol ontslagen 01-08-1880, overleden 13-02-1908.
* De afslagen van de jaarletters: v 1865, w 1866, x 1867, з 1868.

Foto 15 Op een druppelknopgewicht van 2 hektogram/200 gram:
* Links het inwaarts afgeslagen fabrieksmerk van de fabrikant van Zeist te Utrecht.
* Midden het opwaarts dubbel afgeslagen ijkkantoornummer: 14 van het ijkkantoor te Utrecht.
* Rechts de opwaarts afgeslagen jaarletter: D 1872.

Foto 16 De op een gewicht opwaarts afgeslagen allerlaatste jaarletter G 1973-1974 en daaronder het jaartalmerk van 1975. Het jaartalmerk is in een wel heel speciale opwaartse/inwaartse combinatie afgeslagen.

Foto 17 Opwaarts afgeslagen afkeuringsmerken uit de periode 1820-1989, afgeslagen door en onder de jaarletter m van 1856. 

Foto 18 Tekening van het afkeuringsmerk, afkomstig uit een folder van de Dienst van het IJkwezen uit maart 1983.